Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for juni, 2009

Kassierster

Het voorbije weekend zat madame chez Chelone aan de kassa. Stel hierbij geen elektronisch kasregister voor, geen goederenband of glazen hokje met ergonomische draaistoel. Madame’s kassa was een toffe stek.
Op de oprit, onder een witte tent in Arabische stijl, stond een houten tafel. Op de tafel: de kassa, zijnde een prachtige Jugendstil koekendoos met een bergruimte die destijds minstens 2 kilo koekjes bevatte. Achter de tafel twee spatieuse rieten zetels waar je je met sterallures kon in uitspreiden. Wat madame dan ook deed. Ze vleide zich neer en genoot van de pracht en praal. Want ook al zat ze op de oprit, het zicht op Chelone’s tuin was ook van daaruit een lust voor het oog. Alleen als er bezoekers kwamen, die ter gelegenheid van de Open Tuinendag Chelone’s botanische luister wilden bezoeken, zette ze zich even in commerciële positie.

Zaterdag, kort na opening van de kassa druppelden de eerste BB’s (=Bekende Bloggers) binnen, zij die hadden afgesproken om aan het bezoek aan Chelone’s tuin een gezellig onderonsje te koppelen. Want je moet weten, Chelone’s tuin is een oase, een gedroomde plaats om tot rust te komen. En dus de perfecte plaats voor een aangename namiddag/avond met gelijkgestemde zielen. (Slechts 1 BB-er bracht er door gegiste omstandigheden een stukje van de nacht door. Maar het is hem vergeven. :-))

Zondag was madame nog eens van dienst. Met alle plezier. Want chez Chelone is het heerlijk toeven. Bezoekers verwelkomen, hen desgevraagd een beetje uitleg geven, de kindjes een snoepje meegeven, allen een prettige dag wensen en/of uitwuiven. Het was een kolfje naar madame’s hand. Hopelijk mag ze aanstaande zaterdag nog eens gaan helpen. De combinatie sociaal contact (zowel met de bezoekers als met de gastvrouw) + de heerlijke tuin is so relaxing!

Read Full Post »

Knappe grieten

Madame was op stap met vier jonge mannen. Jong wil zeggen: tussen de 25 en de 30. Een van hen was een prille huisvader. De anderen waren nog loslopend wild. En die gasten hadden hun ogen niet in hun zak. Geen enkele knappe griet ontsnapte aan hun keurende blik.
“Heerlijk zo’n mooie zomer!” zeiden ze. En daarmee doelden ze niet alleen op het weer. De luchtige kledij van de jonge blommen zat daar ook voor iets tussen.
“Kijk daar! Wat een stuk!”
“Gosh! Die heeft bijna niets aan! Dat is er over.”
“Moet je die zien! Goed geproportioneerd en stevig, jongens! Stevig!”
Ze hadden het allemaal te pakken, de uitbundige vrijmoedigheid op een eerste stralende zomerdag.
Ze merkten de pretlichtjes in Madame’s ogen niet, die meegenoot van hun onbevangen commentaren. Op een zeker moment werden ze er zich van bewust dat er een oudere dame in hun midden zat en ze verontschuldigden zich voor hun liederlijk gedrag. Madame proestte het uit. Dachten die gasten nu echt dat madame aanstoot nam aan de leuk geformuleerde opstootjes van hun hormoonhuishouding?
”Maar mannekens!” zei madame, “Moet je mijn familie kennen. Wij doen niets liever dan “kleedjes passen” en met spek schieten.”
Heel even was er ongeloof in hun blik. Daarna gloorde guitige samenzwering op hun gezicht. Ja, er was zelfs een zweem van appreciatie.
Met die carte blanche in handen, kozen ze als slachtoffer (dat madame in de luren moest leggen) telkens voor een mooie griet.
”Dat levert mooie beelden op,” zeiden ze.
Ja, ja…

Na vijf takes, mét mooie grieten, opperde madame: “Zeg mannen, die mooie grieten… allemaal goed en wel. Maar ik wil ook wel eens aan mijn trekken komen, hè.”
Hihi. Het volgend “slachtoffer” was een knappe gast.

Read Full Post »

Blaren

Ze had donderdagochtend nieuwe schoentjes aangedaan. Geen al te best idee. Want kort na de middag had ze op twee tenen een joekel van een open blaar. Met de obligatoire wandelstok lopen ging allengs echter lijken. Niemand die er nog aan twijfelde: dat madammeke was slecht te been.

Teen 1 genas tijdens het weekend. Teen 2 niet. Zodra hij schoeisel gewaar werd, prikte het. ’s Maandags zat er niets anders op dan met haar bruine sandalen naar “het werk” te vertrekken. Met de tenen bloot. Heerlijk pijnloos.

De kleedster zocht voor madame een fleurig mantelpakje uit. Een rok met gele en wijnrode bloempjes op een zwarte achtergrond en dito vestje. Het was wel anno 1975, maar ‘ t had het gewenste effect. Madame voelde het aankomen. Onder die outfit waren haar bruine sandalen een tang op een varken.
”Doe nu deze schoentjes eens aan,” zei de kleedster en reikte madame een paar zwarte glimmende lakschoenen aan.
“Ok, alles voor de kunst,” dacht madame, schoof haar voeten in de lakschoenen en dwong haar gezichtsspieren om geen krimp te geven.
Toen ze na de performance de lakschoentjes uitmikte, bloedde de blaar. En morgen moet ze opnieuw aantreden! Maar ze heeft er iets op gevonden. Ze zocht in haar eigen kleerkast de perfecte outfit voor de takes van morgen. En daar passen haar bruine sandalen wel onder.

Read Full Post »

Het is her en der geweten: op het toilet bij mijnheer en madame hangt wc-papier met op ieder blaadje een gestanst medaillon. Zeezicht vond het (tijdens een blogmeeting) mooi toiletpapier. Madame vindt het zacht en praktisch toiletpapier.
De sub reclame op het pak vermeldt: “1 vel kan genoeg zijn”. Madame heeft er een punt van gemaakt om de aanbevolen hoeveelheid niet te overschrijden. Na een kleine boodschap gebruikt ze slechts één vel. En dat volstaat echt. De reclameopdruk van de toiletpapierfirma is correct.
Maar wat doet madame als op het einde van de rol pardoes de laatste twee velletjes loskomen?
Ook dan gebruikt ze maar één velletje. Het andere legt ze netjes op de rand van de lavabo voor de volgende plasbeurt. Madame’s bescheiden bijdrage aan het natuurbehoud.

Gniffelend kwam mijnheer die avond naar madame toe. Ze zat aan haar computer en had niet meteen door dat hij naast haar stond. Plots voelde ze een kus op haar wang. Aangenaam verrast keek ze op en staarde in een paar guitige ogen. Meteen daarop legde mijnheer een velletje toiletpapier naast haar keyboard.
”Ja, dat leg ik altijd op de rand van de lavabo, als…”
Haar verklaring strandde. Want plots zag ze dat in het medaillon een tekst geschreven stond. Ze las: “Ik zie u heeeel graag! xxxxx”

En nu?
Gaat madame dat blaadje nog gebruiken?
Nee.
Houdt madame het velletje toiletpapier bij?
Ja.
Zal ze het inkaderen?
Hm…. Misschien. 🙂

Read Full Post »

Vechtersbazen

Een film crew struinde door de winkelstraten van Mechelen, op weg naar een volgende set. Plots zagen ze in de inkomhal van een kledingzaak twee mannen op de grond een robbertje vechten. Beiden droegen donkere kleding. Het was een kluwen. Je kon niet zien wiens delen boven of onder lagen. Het ging er hardhandig aan toe. Er werd gekreund, geslagen, gevloekt, gebokst, gekermd.
De productie assistent, een jonge kerel, kon het niet aanzien.
“Ik ga helpen,” zei hij.
”Nee,” riep de regisseur, “niet tussenkomen!”
Heel even kon de productie assistent zich bedwingen. Maar dan werd het hem toch te gortig. Hij liep naar vechtersbazen.
”Heb je hulp nodig?” vroeg hij aan de knokkende kerels.
Een schorre stem, die onmiskenbaar uit een welhaast dichtgeknepen keel kwam, zei: “Ja, maar bel eerst de politie.”
Vliegensvlug haalde de productie assistent zijn gsm boven. Tussen het bellen en de aansluiting mompelde hij in madame’s richting: “een van hen is van de security.”
Na een kort en duidelijk telefoontje, rende hij terug naar de vechtersbazen. Hij plofte met zijn volle gewicht op de benen van “de slechte”, zodat de security man de romp in bedwang kon houden.
Hoewel de situatie ernstig was, zorgde de productie assistent voor een komische aanblik. Hij lag languit over de benen van de gijzelaar, zo rustig als een Romein die aan tafel aanligt. Het hoofd rustend op zijn handpalm. Zo van: laat de karaffen wijn en de druiven nu maar komen.
Geen drie minuten later arriveerde de politie met loeiende sirenes en leidden de man op. Een winkeldief, zo bleek.
De security man dankte de productie assistent.
“’t Is niks,” was het antwoord. Doodkalm vervoegde hij de film crew en deed alsof er niets gebeurd was.
Bij de toeschouwers, die intussen in drommen toegestroomd waren, haalde een man de schouders op. Met de handen gespreid als een pastor die zijn parochianen in vrede naar huis stuurt, zei hij: “Dat is Mechelen.”

Read Full Post »

Een droom

daydreaming Terwijl de regen in bakken uit de hemel viel, droomde madame zichzelf weg naar het warme Zuiden. Naar een villa met alles er op en er aan. Een hemelsblauw zwembad voor de deur, een buitenterras waar een schitterende bougainville van af druipt. Een wijds uitzicht op rijpe wijngaarden. Aan de einder schildert de zon zengende vibraties. Af en toe sjirpt een krekel. Een briesje tempert de Zuiderse temperatuur.
Mijnheer neemt een frisse duik. Madame gaat aan tafel zitten, op het terras, onder de bougainville. Ze neemt een stukje kaas en nipt van een glas rode wijn. Is this heaven?
Ze pakt haar laptop en schrijft. Ze laat zich inspireren door de Provence, zoals Albert Camus, Alphonse Daudet…

Zijn dromen bedrog? Misschien wel. Maar sommige dromen kan je een zetje geven.
Madame googlede twee dagen. Toen was alles geregeld. Midden september rijden mijnheer en madame naar het Zuiden van Frankrijk. Naar een villa met alles er op en er aan. Een hemelsblauw zwembad voor de deur, enz.

Read Full Post »

Modern sprookje

Er was eens een bejaard vrouwtje.  Ze woonde in een huisje met een tuintje en leidde een rustig en zorgeloos leventje. Zo zorgeloos en rustig, dat ze te weinig energie verbruikte en ‘s avonds nooit moe was. Tot laat in de nacht zat ze aan haar computer. Ze dronk ook slaapmutsjes. En als ze uiteindelijk dan toch naar bed ging, las ze nog tijdschriften. Pas dan viel ze in slaap.
Op zekere dag, toen ze haar mailbox opende, waaide een advertentie binnen.
”Gevraagd: 60plussers met pit en gevoel voor humor om mee te werken  aan een candid camera programma.”
Het vrouwtje voelde zich meteen aangesproken. Want ze lachte graag. En pit had ze ook wel.
“Wel, wel, wel,” dacht ze. “Dit is een kans om niet alleen meer jaren aan mijn leven toe te voegen, maar ook meer leven aan mijn jaren.” En ze solliciteerde pardoes voor de job. 
Veel hoop dat ze zou geselecteerd worden, had ze niet. Maar een screening mogen meemaken, was voor haar al boeiend genoeg.  
En wat gebeurde er? Het vrouwtje doorstond alle testen en werd geselecteerd.
Daar stond ze dan, verbaasd en overdonderd, met een contract van drie maanden in de hand.
Drie maanden! Moest ze drie maanden non-stop met een filmploeg het land afschuimen?
Gelukkig niet. De producer had rekening gehouden met haar eerbiedwaardige leeftijd. En met die van haar collega’s. Want er waren nog vijf oudjes geselecteerd. Om beurt, of in kleine groepjes, moesten ze maximaal drie dagen per week draaien.
En wat moesten die oudjes dan wel doen? Ze moesten zich nog ouder voordoen dan ze al waren en jongeren in het ootje nemen.  
Het vrouwtje dacht: “Dat is een gemakkelijke klus. En nog leuk om doen ook.” Maar niet iedere take lukte meteen. Soms was de reactie van de jongeren niet leuk genoeg. Of ze was wel leuk, maar hoopte de regisseur nog een betere te kunnen vangen. Dus moest het vrouwtje telkens opnieuw beginnen. En dat betekende vaak: wachten en wachten en wachten tot er weer een jongere in het gezichtsveld van de camera liep.
Na zo’n draaidag was het vrouwtje heel moe. En zo kwam het dat ze ‘s avonds niet meer computerde maar vroeg naar bed ging. Zonder slaapmutsje, zonder tijdschrift viel ze als een blok in slaap. En dan droomde ze. Van een varken met een lange snuit. En het verhaaltje is uit.

Read Full Post »

Older Posts »