Over de tuin van Kielzog was zo gestoeft! Madame wou die wel eens zien. Ook al betekende het een dagtrip van 300 km. Maar op een zondag? Als al die dagjestoeristen richting kust rijden?
Duistere gedachten projecteerden reuzenfiles, blokrijden en kettingbotsingen in madame’s mind.
Ze opteerde voor het openbaar vervoer: met de auto naar de park & ride, rit met de autobus; met de trein naar Brugge; overstappen en met de trein naar Torhout; en dan de weinige, resterende kilometertjes met een taxi.
Alles liep gesmeerd. Tot in Torhout. Daar was geen taxi te bespeuren. Geen stickers met een telefoonnummer, geen naamkaartjes, de niente. Madame bevroeg zich in het station. De loketbediende was heel gewillig maar vond nergens een nummer van een taxi– zelfs niet in de gouden gids.
”Dan maar ginder het café binnen,” dacht madame. “Die weten wel waar ze voor hun zatte klanten een taxi kunnen bestellen.”
Zatte klanten hingen er wel aan de toog, maar de dienster had geen idee waar ze een taxi kon bestellen.
”Woar mot zjie zin, madomtje?” vroeg een lallende stamgast.
Madame legde het uit, maar noch hij, noch zijn ‘moate’ wisten waar een taxi te bestellen. Tot bij een van hen een lobje alcoholvrije hersenen in werking trad.
“Mo wocht e kiëre! Miene moat heet een taxibedrif.”
Hij viste een naamkaartje uit zijn portemonnee. En wat stond er op? Adres en telefoonnummer van “Taxi Jef”!
Madame belde de Jef op – met groeten van de Polle.
Madame gaf een tournée général en wachtte, wachtte, wachtte… Een half uur later nog geen Jef te zien.
De drinkebroers waren solidair.
“Wo bluftem. Amai, ha bluft wel lang wag, hè. ‘k Zal nog ne kiër ballen. ‘t Es minne moat, hè. Mor astem bennen de 10 menuten nie hier es, awaal… ton es’t minne moat ni mieë.”
Tien minuten later arriveerde de Jef. En nog eens tien minuten later zette hij madame bij Kielzog en zijn dame.
De tuin die ze daar zag, overtrof haar stoutste verwachtingen. Wat een plantenweelde! Wat een kleuren! Wat een pracht! Prieeltjes, waterpartijen, schaduwzitjes. Een aards paradijs! Madame’s mond viel open. Ze werd overweldigd door bewondering en verwondering. ‘t Was adembenemend mooi.
Kielzog en Katrien. You made my Sunday! Het was meer dan de moeite waard!
Ik hoop dat je een goed boek bij had?
Liften gaat nog sneller.
Amai, wat een moed Madame en dat voor een Zondag,respect hoor
Hoe ben je terug naar het station geraakt ? Gewacht tot Menck tijd had om je te brengen, veronderstel ik.
amai joat wi !! ‘t is e hjeeln shwoon hof daze doar en, winder woarn ook ferm onder den indruk
en men moh 10 minuutjes moen riedn :-p
@ Micheleeuw
Gewoon met de taxi, eigenlijk.
@ Madame
Mijn diepste respect omdat je een hindernissenparcours van vier uur diende af te leggen om tot bij mijn nederige stulp te geraken. Je gezelschap heeft me enorm veel deugd gedaan. Je bent een gouden mens.
@ Hilde
Slechts 10 minuten rijden? Maak je bekend, zou ik zo zeggen. Ik heb met drie Hildes uit de streek gepraat dat weekend.
Legt ‘t oarts paradis en torhuut?
Nope, in Nevele-Merendree: http://www.aardsparadijs.be/
[...] hebben om te wauwelen, dit blogstuk zou ingekort kunnen worden tot vijf kernzinnen.) Het. Was. Al. Wel. Duidelijk. Menck en madam Menck hun tuin was de moeite. Margo, die daar gelijktijdig met [...]
[...] geval zijn, doch dit geheel terzijde. Mijn zondagse gezelschapsdame van langere duur was dit keer Madame. De hindernissenpiste die ze diende af te leggen alvorens ze me in de ogen kon blikken, had veel [...]
@ Zapnimf – Zo eens uren wegdromen aan het raam in een trein kan ook eens ontspannend zijn.
@ Aquarius – Ik zag het gewoon als een ontspanning.
@ Micheleeuw – Zoals Menck zegt: met de taxi. Ik had een naamkaartje gevraagd van de Jef.
@ Hilde – Mijn West-Vlomsch is niet zo goed, maar ‘t es doar inderdoad ne hjeeln shwoone hof.
@ Menck – Voor zo’n tof gezelschap en zo’n mooie tuin was het de moeite waard.
oh, nu heb ik nog meer spijt dat ik ging kamperen…